Een woning in de erfenis
Zit er een woning in de erfenis, dan telt voor de erfbelasting niet wat het huis bij verkoop opbrengt, maar de WOZ-waarde. En u hebt een keuze die geld kan schelen.
De WOZ-waarde, niet de verkoopprijs
Een woning telt voor de erfbelasting mee voor de WOZ-waarde: de waarde die de gemeente elk jaar vaststelt. Niet de vraagprijs, niet de verkoopprijs en niet een taxatie. Dat geldt voor elke woning in de nalatenschap, dus niet alleen voor het huis waar de overledene woonde.
U mag kiezen tussen twee jaren
U mag de WOZ-waarde gebruiken van het jaar van overlijden, of die van het jaar daarna. Kies de laagste; dat is voor de erfbelasting het voordeligst. Is de woning in waarde gedaald, dan kan dat flink schelen.
Een WOZ-waarde hoort bij een peildatum van een jaar eerder. Overleed iemand in 2026, dan kiest u tussen de WOZ-waarde 2026 (de waarde op 1 januari 2025) en de WOZ-waarde 2027 (de waarde op 1 januari 2026). De WOZ-waarde staat op de WOZ-beschikking van de gemeente, en u kunt hem ook opzoeken in het WOZ-waardeloket.
Is de WOZ-waarde van het jaar daarna nog niet bekend als u aangifte doet, gebruik dan die van het jaar van overlijden. Blijkt de latere waarde lager, dan mag u volgens de Belastingdienst alsnog bezwaar maken, ook na de gewone bezwaartermijn van zes weken.
Uitzonderingen
- Verbouwd of afgebroken. Is de woning na 1 januari van het jaar van overlijden verbouwd, afgebroken of was hij nog in aanbouw, dan telt de waarde in het economische verkeer op de dag van overlijden.
- Erfpacht. Bij een woning op erfpachtgrond mag de WOZ-waarde omlaag met 17 keer de jaarlijkse erfpachtcanon.
- Verhuurde woning. Werd de woning verhuurd voor onbepaalde tijd, met huurbescherming, dan telt een percentage van de WOZ-waarde. Dat percentage hangt af van de huur ten opzichte van de WOZ-waarde; de Belastingdienst heeft daar een tabel voor. Dit geldt niet bij tijdelijke verhuur of vakantieverhuur. Erft de huurder zelf de woning, dan telt de volle WOZ-waarde.
De hypotheek
Een hypotheek op de woning is een schuld van de nalatenschap. Die gaat dus af van de waarde.
Hoort er een levensverzekering of overlijdensrisicoverzekering bij de hypotheek, dan hangt het ervan af wie de uitkering krijgt. Gaat de uitkering naar de bank (omdat de verzekering aan de bank verpand is), dan gaat die af van de hypotheekschuld. Is de partner de eerste begunstigde, dan blijft de hele hypotheekschuld staan en telt de uitkering apart mee. Een uitkering uit een verzekering op het leven van de overledene kan voor de erfbelasting meetellen als iets wat de begunstigde heeft geërfd, als de overledene de premie betaalde. Twijfelt u hoe dit in uw situatie zit, vraag het dan na bij de notaris.
Samen eigenaar
Getrouwd in gemeenschap van goederen. Dan was de helft van de woning, en de helft van de hypotheek, al van de partner. Alleen de andere helft hoort bij de nalatenschap.
Samen eigenaar zonder gemeenschap van goederen, bijvoorbeeld samenwonenden of partners met huwelijkse voorwaarden. Dan telt alleen het deel van de woning en van de hypotheek dat van de overledene was. In de rekenmachine vult u dat deel in als percentage.
Als de erfbelasting niet te betalen is
Bestaat de erfenis vooral uit een woning, dan kan het gebeuren dat er erfbelasting betaald moet worden terwijl er geen geld is. U kunt de Belastingdienst dan schriftelijk om uitstel van betaling vragen. Over de tijd dat u later betaalt, rekent de Belastingdienst invorderingsrente. Bij de wettelijke verdeling kan dit spelen, omdat de partner daar de erfbelasting van de kinderen voorschiet.
In de rekenmachine
De rekenmachine vraagt naar beide WOZ-waarden en stelt de laagste voor. Vult u alleen de WOZ-waarde van het jaar van overlijden in, dan rekent hij daarmee. Bij gemeenschap van goederen neemt hij de helft; anders vult u in welk deel van de woning van de overledene was.
Laatst gecontroleerd op .