Erfbelasting 2026: tarieven en vrijstellingen
Hoeveel erfbelasting iemand betaalt, hangt af van twee dingen: de relatie tot de overledene en de hoogte van het erfdeel. Hieronder staan de bedragen van 2026, en daaronder die van de andere jaren.
Welk jaar geldt voor u
Het jaar waarin de overledene is overleden. Niet het jaar waarin u de aangifte doet, en ook niet het jaar waarin u dit leest. Is iemand in december 2025 overleden en doet u in 2026 aangifte, dan gelden de bedragen van 2025.
De bedragen van 2026
| Wie erft | Vrijstelling | Tot € 158.669 | Daarboven |
|---|---|---|---|
| Partner | € 828.035 | 10% | 20% |
| Kind, stiefkind of pleegkind | € 26.230 | 10% | 20% |
| Hulpbehoevend kind | € 78.671 | 10% | 20% |
| Kleinkind | € 26.230 | 18% | 36% |
| Achterkleinkind of verder | € 2.769 | 18% | 36% |
| Ouder (beide ouders samen) | € 62.110 | 30% | 40% |
| Broer, zus, neef, vriend en anderen | € 2.769 | 30% | 40% |
Krijgt de partner een nabestaandenpensioen of lijfrente, dan wordt de partnervrijstelling lager, maar nooit lager dan € 213.915. Zie nabestaandenpensioen en vrijstelling.
Zo leest u de tabel
De vrijstelling is het bedrag dat een erfgenaam belastingvrij mag ontvangen. Het is een aftrekbedrag, geen drempel. Wie meer erft dan de vrijstelling, betaalt alleen belasting over het deel daarboven, niet over het hele erfdeel. Een vriend die € 3.000 erft, betaalt in 2026 dus belasting over € 231, niet over € 3.000.
De tarieven werken in twee schijven. Over het belaste bedrag tot € 158.669 geldt het lage tarief, over wat daarboven uitkomt het hoge tarief. Die grens geldt voor elke erfgenaam apart, en voor het bedrag ná aftrek van de vrijstelling.
Een voorbeeld: een kind erft € 200.000. Van het erfdeel van € 200.000 gaat € 26.230 vrijstelling af. Over de eerste € 158.669 wordt 10% betaald en over de resterende € 15.101 20%. Samen is dat € 18.887. Wilt u dit voor uw eigen situatie uitrekenen, gebruik dan de rekenmachine.
Wie valt in welke groep
- Partner. De echtgenoot of geregistreerd partner. Een samenwonende partner telt alleen mee als aan de voorwaarden is voldaan: minstens zes maanden op hetzelfde adres met een notarieel samenlevingscontract met wederzijdse zorgplicht, of vijf jaar of langer op hetzelfde adres zonder contract. Familie in de rechte lijn, zoals een ouder of kind, is nooit de partner.
- Kind, stiefkind of pleegkind. Eigen kinderen, geadopteerde kinderen, stiefkinderen en pleegkinderen.
- Hulpbehoevend kind. Een kind dat door ziekte of een handicap blijvend niet in zijn eigen onderhoud kan voorzien. De vrijstelling is hoger; het tarief is hetzelfde als voor andere kinderen.
- Kleinkind. Een kleinkind heeft dezelfde vrijstelling als een kind, maar een hoger tarief.
- Achterkleinkind of verder. Een achterkleinkind betaalt hetzelfde tarief als een kleinkind, maar heeft niet de vrijstelling van een kleinkind. Het krijgt de veel lagere vrijstelling van de overige erfgenamen. Dat wordt vaak over het hoofd gezien.
- Ouder. De vader of moeder van de overledene. Zij hebben een eigen, hogere vrijstelling, maar het tarief van de overige erfgenamen. Erven beide ouders, dan geldt de vrijstelling voor hen samen, niet voor ieder apart.
- Overige erfgenamen. Iedereen die hierboven niet staat: broers, zussen, neven, nichten, vrienden, en een samenwonende partner die niet aan de voorwaarden voldoet.
De bedragen van 2027 (voorlopig)
Deze bedragen zijn nog niet definitief. De overheid maakt de definitieve bedragen voor 2027 eind 2026 bekend. Voor overlijdens in 2027 rekent de rekenmachine met deze voorlopige bedragen, en zegt dat er ook bij.
| Wie erft | Vrijstelling | Tot € 162.795 | Daarboven |
|---|---|---|---|
| Partner | € 849.564 | 10% | 20% |
| Kind, stiefkind of pleegkind | € 26.912 | 10% | 20% |
| Hulpbehoevend kind | € 80.717 | 10% | 20% |
| Kleinkind | € 26.912 | 18% | 36% |
| Achterkleinkind of verder | € 2.841 | 18% | 36% |
| Ouder (beide ouders samen) | € 63.725 | 30% | 40% |
| Broer, zus, neef, vriend en anderen | € 2.841 | 30% | 40% |
Eerdere jaren
De vrijstellingen en de schijfgrens gaan elk jaar iets omhoog. De tarieven zelf blijven gelijk. Is het overlijden in een eerder jaar gebeurd, dan gelden de bedragen van dat jaar.
2025
| Wie erft | Vrijstelling | Tot € 154.197 | Daarboven |
|---|---|---|---|
| Partner | € 804.698 | 10% | 20% |
| Kind, stiefkind of pleegkind | € 25.490 | 10% | 20% |
| Hulpbehoevend kind | € 76.453 | 10% | 20% |
| Kleinkind | € 25.490 | 18% | 36% |
| Achterkleinkind of verder | € 2.690 | 18% | 36% |
| Ouder (beide ouders samen) | € 60.359 | 30% | 40% |
| Broer, zus, neef, vriend en anderen | € 2.690 | 30% | 40% |
Laatst gecontroleerd op .